De winterse vertrekwensen van KRC Genk

De winterse vertrekwensen van Genk: Arteaga op drempel, uitleenbeurt Oyen?

5 januari om 21:15
Laatste update: 5 januari om 21:15

De start van een nieuw jaar, dat betekent gelukwensen van alles en iedereen. Bij de Belgische topclubs is dat niet anders. Aangezien de wintermercato is aangebroken, gaat VoetbalPrimeur.be op zoek naar hun transferwensen. In deze tweedelige reeks komen mogelijke vertrekkers aan bod. Vandaag: KRC Genk.

Statistieken Genk na 20 speeldagen:
Positie: 5e
Punten: 34 (9W – 7G – 4V)
Doelpuntensaldo: 41-20

Samenvatting
Na de mokerslag waarmee Toby Alderweireld de Genkse titeldroom aan diggelen had geslagen, maakte Dimitri De Condé zich sterk om in 2024 wél raak te schieten. Daarvoor leverde Genk in de zomer een stevige inspanning door de kern samen te houden, op Mike Trésor na. De eerste maanden van het nieuwe seizoen verliepen echter zo grillig als een koninginnenrit in de Tour. Mede door enkele Europese opdoffers en een resem aan gelijke spelen flirtte Genk lang met de virtuele drempel van de top-zes. Een fiks eindsprintje van 10 op 15 (met daarbij de betwiste nederlaag bij RSC Anderlecht) heeft Wouter Vrancken en co alsnog met een goed gemoed de feestdagen ingestuurd.

Vertrekwensen
Zo weinig mogelijk volk laten vertrekken, dat was het devies in de zomer. Na de wisselvallige heenronde zet De Condé de deur misschien wat wijder op een kier. Gerardo Arteaga zou daar bijvoorbeeld  wel eens kunnen doorheen glippen. Atlas, een topclub uit zijn vaderland, trekt hard aan de mouw. Voor de linksachter geldt echter net als voor quasi alle andere posities: dubbel bezet, maar de opties zijn ook niet legio. Erg veel speling om vertrekkers toe te staan, heeft Genk dus ook weer niet.

Bovendien roteerde Vrancken van augustus tot december zo vaak (te vaak?) dat weinig spelers reden tot klagen mogen hebben. Het grootste ongenoegen situeert zich waarschijnlijk bij Aziz Ouattara en Luca Oyen. Vooral die laatste lijkt niet in de bovenste schuif van zijn trainer te liggen, ondanks zijn ontegensprekelijke talent. Met Christopher Bonsu Baah, Alieu Fadera, Joseph Paintsil en Yira Sor staan vier jongens boven hem in de pikorde. Een uitleenbeurt zou misschien geen slecht idee zijn voor de belofte-international.